Lief reisdagboek: bijna opgelicht maar niet heus

Getsemani Cartagena

Opgelicht worden op reis, wie overkomt het niet? Touroperators, verkopers, buschauffeurs; ze hebben er allemaal een handje van. Maar de allerergste zijn de taxichauffeurs. Ik kom vaak heel aardige tegen. Van die mannen die een praatje maken en álles van me willen weten. Maar soms ook niet. En dat gebeurde gisteren.

Nu heb ik heus niet de illusie dat iedereen maar te goeder trouw is en dat ik nog nooit eerder ben opgelicht. Feit is dat ik niet overal de prijzen van weet, dus het kan zomaar zijn dat ze iets verzinnen en ik het driedubbele betaal dan de daadwerkelijke prijs. Ja, dat kan natuurlijk zomaar en op reis loop je het risico dat dit je overkomt, maar wat niet weet, wat niet deert en zo is het maar net. Maar als ik bij een taxichauffeur in zijn auto zit en hij me nog voordat we vertrekken al een lulverhaal ophangt, ja dan ben ik op z’n zachts gezegd niet blij.

 

Opgelicht?

Allereerst: ik snap het. Het oplichten. Serieus, ik snap dat mensen het doen en zéker in een land als Colombia, waar ik een blonde, in hun ogen rijke westerling ben. Daar willen ze natuurlijk wat uithalen, dat begrijp ik heus wel. Het goedkeuren is een ander ding, want dat doe ik allerminst, maar begrijpen doe ik het. Ja sorry, maar ik snáp dat ze het doen. En het zal me vaker zijn overkomen, zonder dat ik het wist en om heel eerlijk te zijn kan ik er niet wakker van liggen. Ik hoop dat de degene die mij in stilte en in ál mijn naïviteit heeft opgelicht, ervan genoten heeft. Van het oplichten zelf, maar ook van de centen die hij me heeft weten af te troggelen. Ik hoop dat ie zich er een biertje voor heeft gekocht of zich misschien wel ladderzat heeft gezopen. Ik zou het hem nog bijna gunnen ook.

Maar als je mij in je taxi hebt en je gaat glashard een nepverhaal aan mij ophangen en dan vervolgens ook nog liegen, terwijl je mij in mijn ‘mooie blauwe ogen’ kijkt, ja sorry, maar dan ben je gewoon een dikke lul. Alsof ik daar in zou trappen en er voor zou vallen. Eerst complimentjes maken en vervolgens me geld afhandig maken. Ha! Ten eerste, die complimentjes, die hoor ik hier honderdduizend keer per dag, punt twee: ik word al jaren niet meer warm of koud van dergelijke ‘complimentjes’ en punt drie: ik ben niet achterlijk. Wat er gebeurde? Dat zal ik vertellen.

Ik kwam met een bus vanuit Cartagena aan in Santa Marta. Vanuit Santa Marta zou ik een andere bus pakken richting Palomino, de eindbestemming van die dag en waar ik drie dagen zou blijven. Alle plaatsen liggen aan de noordkust van Colombia, in het Caribische deel en het is er dus bloedmooi en evenzo heet. De rit van Cartagena naar Santa Marta duurde even een paar uur, dus ik was behoorlijk gaar aan het einde. Kwart voor vijf was het op mijn horloge toen ik uit de bus stapte en een taxichauffeur me toesnelde.

 

En toen kwam het

Ik vertelde hem dat ik naar een bepaalde shopping mall moest, omdat daar de bus naar mijn eindbestemming zou vertrekken. Ik had over die mall gelezen op een blog van iemand die exact dezelfde reis eens maakte. De volgende rit zou nog zo’n twee uur rijden zijn. Ik stapte in bij de taxichauffeur en meteen antwoordde hij dat de bussen naar Palomino tot vijf uur zouden rijden. Dat was het nog niet, nog net niet, dus ik vertelde hem om toch naar de mall te rijden om te kijken hoe het er zou zijn. Vijf uur Colombiaanse tijd zou namelijk zomaar half zes kunnen worden en bovendien neem ik niet zomaar iets van iemand aan zonder het zelf gezien te hebben.

Maar hij vertrok niet. Hij wachtte en mompelde iets in een onverstaanbaar accent. Dat er misschien nog wel meer mensen naar Palomino zouden gaan. Dat zou wat goedkoper zijn, in geval hij als taxi mij naar mijn eindbestemming moest brengen. Hij stapte weer uit en ging lukraak aan wat mensen met backpacks op hun ruggen vragen waar ze naar toe gingen. Vijf minuten later en dus vijf minuten dichter bij vijf uur stapte hij weer in. Geen geluk. Niemand ging naar Palomino.

Ik verzocht hem om richting de mall te rijden die ik hem had aangegeven en dat deed hij. Waarom ik niet uitstapte en een andere taxi bij de kraag greep, weet ik nu echt even niet. Bij een bushalte langs een weg zo druk dat het een snelweg leek, stopte hij. Ik mocht hier uitstappen, zei hij. Ik keek rond, een onbekend persoon deed het portier voor mij open. “Dit is geen shopping mall”, zei ik. Hij keek me aan alsof hij het in Keulen hoorde donderen. “O, je moet naar de shopping mall!” riep hij verbaasd uit, alsof hij voor het eerst in zijn leven te horen kreeg dat ik naar de mall wilde. Gek genoeg bleef ik aardig, want dat kan ik. Of het een gave of een stommiteit is ben ik nog niet over uit, maar ik blijf altijd aardig.

 

Drie keer een omweg

En dus reden we weg. Met een U-turn draaiden we zo de andere weghelft op en reed hij richting de mall. Althans dat dacht ik. Toen we aan de overkant van de mall waren, zag hij een groene bus rijden. Dat dat ‘mijn’ bus zou zijn, zei hij. Ik keek op de klok. Het was al over vijven. Hij had met niemand contact gehad. De laatste informatie die ik van hem had gekregen was dat de laatste bus om vijf uur zou gaan en nu zou er opeens voor onze neus een bus naar mijn bestemming vertrekken. Voor zover ik nog niet wantrouwig was, werd ik dat nu.

Hij bedacht zich geen moment en ging als een malle achter de bus aan in exact dezelfde richting als waar we vandaan waren gekomen. Via de enorme rotonde reden we weer richting de bushalte waar hij me een paar minuten geleden uit zijn auto wilde gooien. Op de vluchtstrook (voor zover je het een vluchtstrook kunt noemen hier) stopte hij, opende hij zijn raampje en kwamen de dampende gassen en oorverdovende herrie van de uitlaat van de bus naast ons de taxi binnen. De chauffeur schreeuwde naar de man in de deuropening van de bus die nog altijd reed. Dat de bus vol was, riep de man terug. Geen plek. En dus dikke pech. Ik kon niet mee.

De taxichauffeur deed zijn raampje weer dicht en zei tegen me dat hij me voor 150.000 pesos naar Palomino zou brengen. Dat dit echt de laatste bus was, zei hij. En dat ik geen andere keuze had. Ik sommeerde hem terug te rijden naar de mall. Ik kon me niet voorstellen dat dit écht de laatste bus was, want ik vond het veel te toevallig allemaal en ik vertrouwde deze gast vanaf het begin al niet. Bij de mall aangekomen was er niet meer veel te doen. Waarschijnlijk had hij in de gaten dat ik niet op te lichten was en ik niet in zijn zogenaamde adviezen trapte en dus pleegde hij een telefoontje. Ik hoorde de stem aan de andere kant van de lijn zeggen dat er nog zeker wel bussen naar Palomino zouden rijden.

 

Bushalte

Hij zou weer terug rijden naar de bushalte, vertelde hij. Omdat ik daar meer kans had om een bus te pakken, zei hij. Omdat alle maatschappijen langs die halte gingen en ik dus meer kans had. Ik vond het goed en even later stapte ik uit bij de bushalte waar ik in het halve uur ervoor al twee keer eerder was geweest. Vier mannen deden de deur voor mij open en acht donkere ogen keken me aan. Een van hen droeg een uniform en verkocht me een kaartje voor tien keer(!) zo weinig als de prijs van de taxichauffeur. En daar stond ik. Met al mijn spullen langs de kant van een drukke weg te wachten op een bus die wel of niet zou komen.

De taxi bleef nog even wachten. Alsof de chauffeur zich opeens lullig of schuldig voelde en zeker wilde weten dat mij niets zou overkomen bij die bushalte waar al die voor mij vreemde mensen stonden. Gek hè? Dat ik dat dan zo ervaar, terwijl hij me een paar minuten eerder nog bijna 40 euro wilde aftroggelen. Hij stapte nog een keer uit en probeerde me gerust te stellen door te zeggen dat ik me niets moest laten wijsmaken door iemand. Zoals hijzelf had geprobeerd, dacht ik. Alsof ie nu opeens aan mijn kant stond. De lul.

Hij reed weg en ik bleef staan. Na een paar minuten kwam de bus en kwam ik een uur later dan verwacht – iets met een kapotte accu onderweg, dat kon er ook nog wel bij – gewoon aan op mijn eindbestemming. Gewoon op de manier zoals ik van tevoren bedacht en gepland had. Gewoon zoals het had moeten gaan. Het was leuk geprobeerd van de beste man, maar ik trapte er niet in. Niet dat ik mezelf nu heel stoer vind hoor, want dit was wel heel overduidelijk en opzichtig en ik zou wel heel stom zijn geweest als ik erin getrapt was, maar het is wél goeie kost voor een mooi verhaal. Toch?

2 Reacties

  1. Beantwoorden

    Lien

    4 december 2018

    Kimmie!!!
    Stoer chickie. Wat maak je toch mooie dingen mee.
    En you go girl…do not mess with those blue eyes!!!
    Topper.

    Liefs Lien

    • Beantwoorden

      Kim Annemarie

      5 december 2018

      Haha Lien!!! Over toppers gesproken: right back at ya! 😘

LAAT JE REACTIE ACHTER

DIT VIND JE VAST OOK LEUK OM TE LEZEN…