Lief reisdagboek #2: Al twee weken. Eurotrip 2018 is onnnn!

Roadtrip

Op maandag kreeg mijn C1 nog even een flinke beurt en op dinsdag vertrok ik. Het regende, wat best raar was, omdat het al ongeveer een half jaar niet had geregend in Nederland, en het was ook best koud en toen ik het gaspedaal intrapte voelde ik het: mijn Eurotrip was on!

Hoe zuidelijker ik kwam, hoe warmer het werd. De zon begon harder te schijnen, de heuvels werden hoger en de bochten werden scherper. Omdat ik aan de Duitse grens woon had ik na twee minuten de eerste landswisseling al gehad en na een paar uurtjes kwam de tweede. Ik hou ervan. Met de auto een hele zomer door Europa, wie droomt er niet van?

 

Eurotrip

Hoe de straten dan opeens anders zijn als je een grens overgaat. De verkeersborden, de vangrails en de strepen op het wegdek. Hoe de regels opeens anders zijn (waar ik overigens geen moer van weet, meestal doe ik maar gewoon wat en dat gaat vaak nog goed ook), er voor dezelfde betekenis andere woorden worden gebruikt en hoeveel ik er bewonderenswaardig van begrijp. Via een rotonde ergens in de Eiffel in de buurt van Saarbrücken reed ik Frankrijk in en dat zou het eindstation zijn voor de twee daaropvolgende weken. Die nu – as we speak – alweer voorbij zijn.

Van Frankrijk kende ik alleen Parijs. O ja, en de weg naar Parijs toe. Verder niets. Nu ben ik al zo ongeveer de hele wereld over geweest, maar nog nooit in het binnenland van belle France. Toen ik afgelopen maart in Torres del Paine van Chili was en samen met de Duitser terugliep van een loodzware klim (waarover je hier overigens kunt lezen) ontstond er een lach op zijn gezicht toen ik zei dat we eigenlijk een beetje gek waren. Dat we zo dichtbij huis bergen hebben en dat we dan helemaal in godvergeten Chili een berg gaan beklimmen. Dat ik die bergen dichtbij huis nauwelijks kende, daar móést verandering in komen besloot ik en zo geschiedde.

 

Frankrijk

Nu denk ik bij Frankrijk niet meteen aan bergen, gek genoeg. Hoewel de Mont Blanc en de Alpe d’Huez allebei dans la France liggen, denk ik bij bergen toch eerder aan Oostenrijk en Zwitserland. Geen idee waarom, want ik heb in mijn leven zoveel beelden gezien van klimmende wielrenners tijdens de Tour de France en dat is toch écht in Frankrijk. Verder vind ik Frankrijk niet echt eruit springen, ofzo. Het klinkt niet echt bijzonder of speciaal of sexy. Het is gewoon Frankrijk. Frank. Rijk. En de mensen zijn Fransen. Fransen. Nu had ik drie ooms die Frans heetten (eentje is er al helaas niet meer) en tot op de dag van vandaag doet de naam me niets. Frans. Frankrijk. Boring. (Sorry Frans ;))

Maar, je voelt hem al aankomen, ik had dat wel mooi mis. Want Frankrijk mensen, is prrrrachtig. Nu weet ik dat 80% van alle Hollanders (geen idee hoor, ik roep maar een getal om het verhaal smeuïg te maken, maar ik weet wel dat het véél is) elke zomer naar Frankrijk gaat, dus veel zin om aan diezelfde Hollanders te vertellen dat Frankrijk mooi is, heeft het natuurlijk niet.

 

De Elzas

En dus hou ik het bij mijn eigen verhaal en beleving. Ik begon in de Elzas, het plaatsje Anould was mijn uitvalsbasis en ik schreef een stukje in mijn reisdagboek toen ik er was. Ik verbleef voor het eerst in mijn leven op een camping (en ik kan nu, na twee weken zeggen dat ik kamperen leuk vind, maar campings verschrikkelijk) en ik crosste over bergen met haarspeldbochten door de regio. Reed een stukje van de Route des Vins (de wijnroute dus, altijd goed), bezocht het mooie Colmar en nog meer pittoreske en idylische plaatsjes. Goed begin dus. En dat zegt het al. Het voelde echt als een begin.

Lees ook: Lief reisdagboek #1: Eurotrip. Op de camping met wijntjes in de Elzas.

 

Zwitserland

Na de Elzas ging ik naar Zwitserland. Ik wilde naar Genève en het meer Léman en Lausanne en door de omgeving rijden en me verbazen over de schoonheid van alles, maar ik vond het allemaal een beetje tegenvallen. O ja natuurlijk, het is er mooi, maar niet zoals ik had verwacht. En bam, daar heb je hem. De bron van teleurstelling zit hem in hoop en verwachting en dus kon het alleen maar tegenvallen. Tel daar een vreselijk aftandse camping bij op en ik besloot op zondagochtend als de wiederweerga te vertrekken. Naar het nabij gelegen Annecy. En dat, lieve mensen, was een schot in de roos.

 

Neus in de boter

Want Annecy is prachtig. Zijn omgeving ook. Er is een mooi, groot, heel blauw meer omgeven door een heleboel hoge, groene bergen. Echt super. Maar dat maakt Annecy voor mij niet onvergetelijk. Frankrijk won diezelfde zondag het WK en ik keek mee op een terrasje (en ik sloeg een keer op mijn tafeltje toen Kroatië scoorde omdat ik niet durfde te juichen, je begrijpt: ik was NIET voor Frankrijk, alsjeblieft zeg) en maakte het feestgedruis mee toen ze wonnen. Zeg nou zelf: hoe vaak maak je als Nederlander mee dat het land waarin je je bevindt de WK-finale wint? Inderdaad, praktisch nooit. De afgezette straten, idioten die de weg op gingen met Franse vlaggen, jongens in kofferbakken die naar me zwaaiden en ik dacht nog: als ik wat wil, dan heb ik vanavond 100% scoringskans (dikke knipoog natuurlijk). Maar ook die gebeurtenis is niet waarom Annecy zo’n geweldige toevalstreffer was. Je snapt, ik ging na de finale gewoon netjes terug naar mijn camping.

Het was een ander event dat me altijd aan Annecy zal blijven herinneren en dat was niets minder dan een gebeurtenis die ik aan het begin van dit stukje ook al noemde: de Tour de France. Ik viel met mijn neus in de boter, Annecy stond officieel niet eens op de planning, dus het was een enorm cadeau om toevallig in de plaats te zijn waar de tiende etappe van de Tour begon. En dan ook nog een bergetappe. Een klein gelukje noemde ik het ook wel. Ik liet mijn volgers via social media meegenieten van deze fantastische gebeurtenis, want dat was het en is alleen daarom al een aparte blog waard. En die komt dus binnenkort. Heus.

 

Côte d’Azur

Ik nam een middag de tijd om afscheid te nemen van Annecy en toen ik de volgende dag wegreed had ik zo’n voldaan gevoel dat ik wel kon huilen. Ik reed naar de Verdon, bleef daar een nachtje en ging de volgende dag door naar… Nice. De Côte d’Azur, mensen! Die ik ook al zo lang zo graag wilde bezoeken. Saint Tropez, de stranden, Monaco, Nice zelf, de Franse rivièra.

Mijn god, het was fantastisch en niet in de laatste plaats omdat mijn schoonzussen er waren en we met z’n drieën onuitwisbare herinneringen hebben gemaakt. Ik hou van ze en ben blij dat mijn broers ze hebben gevonden en dat we allemaal zo verliefd zijn op Lise en Fenne en als ik daar aan denk, dan moet ik gewoon weer huilen, want wat zal mama trots op ons zijn dat we het zo goed doen met z’n allen. En papa trouwens ook.

 

Bella Italia

Anyway, maandag ’s ochtends gooide ik ze weer op het vliegtuig en ging ik verder op pad. Langs de kust, via Monaco, zo de Italiaanse grens over, waardoor het wegdek en de verkeersborden en de bewegwijzering en vooral ook de gebouwen weer anders werden en ik het vijfde land van mijn trip in reed. En daar ben ik nu. In bella Italia. Aan de Ligurische kust. En het is me hier toch een partij mooi. Het is echte liefde hoor, tussen mij en Italië, althans van mijn kant. Maar heb het gevoel dat het wel wederzijds is. Ze hebben me hier graag. Ja hoor. En ik ben vast van plan hier nog een paar weken te blijven.

Mijn Eurotrip 2018 is onnn!

2 Reacties

  1. Beantwoorden

    Elke van der Aa

    25 juli 2018

    Wat schrijf onmeunig mooi & enthousiast je verhaal. Na drie zinnen ‘heb je me’ en reis ik met je mee. Ik sta door jou met twee in Frankrijk, in Annecy (was daar al ooit en wil NU terug). Blijf vooral schrijven. Dan blijf ik je volgen. Letterlijk zelfs, over twee weken ga ik zelf naar Italië. Ohja, blijft zo onwijs keihard genieten! Leuk!!

  2. Beantwoorden

    Kim Annemarie

    26 juli 2018

    Wauw Elke, wat een heerlijke reactie van je! Veel plezier in bella Italia over twee weken! Waar ga(an) je/jullie?

LAAT JE REACTIE ACHTER

DIT VIND JE VAST OOK LEUK OM TE LEZEN…