Lief reisdagboek #1: Eurotrip. Op de camping met wijntjes in de Elzas

Met een tent door Europa. Een tijd geleden had ik mezelf voor gek verklaard en nu is het werkelijkheid. Hoe ik tot deze daad kwam? Dat is niet zo heel ingewikkeld. Je leest het hier.

Daar ging ik dan. Met een wc-rol onder mijn arm, op naar het toiletgebouw. Ik had toch van mijn lang zal ze leven niet gedacht dat ik ooit zo over een camping zou strollen. Maar dat deed ik dus wel. En doe ik nog steeds. Ja mensen, geloof het of niet. Ik verblijf op de camping!

 

Op de camping

Ik ben inmiddels 36 en nog nooit eerder kampeerde ik. Ja, ik heb heus wel eens in een tent en op een luchtbed geslapen, maar dat was allemaal vóórdat mijn volwassen leven begon. Een jaar of 25 geleden dus (geen grapje). En die specifieke ervaringen, die overigens op één hand te tellen zijn, waren niet eens tijdens vakanties. Nee, dat waren gewoon ervaringen tussendoor. Wij gingen vroeger namelijk niet naar de camping, zoals half Nederland. Nee, wij gingen naar huisjes in Zuid-Duitsland en toen mijn vader ziek werd gingen we helemaal niet meer.

Maar goed, voordat ik daar teveel over uitweid, zit ik in tussentijd dus op de camping. In het plaatsje Anould – ik zwoer tijdens het boeken dat er Arnoud stond – middenin de Elzas/Vogezen. Drie dagen ben ik hier nu en waar de grens tussen de twee gebieden ligt weet ik nog steeds niet, maar wat ik wel weet is dat deze spótgoedkope camping (12 euro per nacht, twáálf! Daar heb ik wel een paar dagen spierpijn van het slapen op een luchtbed voor over) in een prachtig mooie omgeving ligt. Vól met bossen en bergen en haarspeldbochten en idyllische plaatsjes en… wijn! Heel veel wijn.

 

De Elzas

In het jaar 2001 (dat is inderdaad 17 jaar geleden) was ik hier al eens eerder, tijdens een wijnreis van de hotelschool waar ik toen op zat. We spraken toen zoiets af als what happens during the wine trip stays in the wine trip, dus ook daar weid ik verder niet over uit. Laten we zeggen dat ik me geen moer herinner van deze heerlijke omgeving, maar des te meer van de smaak van de wijn. Des te fijner is het nu om langs de groene wijngaarden over de Route des Vins d’Alsace (de wijnroute van de Elzas, vrij vertaald) te rijden. Gecombineerd met af en toe een stop in een van de pittoreske plaatsjes met typische Elzas-geveltjes en geraniums hangend aan de balkonnetjes, ja, dan ben ik In. Mijn. Nopjes. Helemaal.

Los daarvan ben ik dus op de camping en daar wilde ik het eigenlijk over hebben. Want hóézo zit ik op de camping? Ik hou van reizen en alles wat erbij komt kijken. En dan vooral het contact met locals, persoonlijk contact met eigenaren van een bed & breakfast, écht contact maken met mensen, dát wat reizen zo ontzettend leuk maakt. Allemaal dingen die op een camping nevernooit gebeuren. En toch. Het begon toen mijn lieve collega A. erover begon tijdens een etentje. Dat ik best een pop-up tentje mee kon nemen tijdens mijn reis door Europa. Ik weet niet waarom, maar ergens vond ik het een geweldig idee.

 

Last minute

Pas vorige week, in de laatste week voor ik vertrok, hakte ik de knoop door. Ik ging gewoon met een ieniemienie-tent op pad, vól het avontuur in. Als ik dan toch zo nodig nog gek moet doen op mijn 36e (dat vind ik zelf dus echt heel oud, maar ik weet heus ook wel dat ik feitelijk nog hartstikke jong ben), dan maar helemaal compleet gek. In een tént! Bizar, en weet je, ik vind het nog leuk ook.

Ik heb een campingtafel met een tafelkleed gekocht en stoeltjes van mijn vriendin geleend. Ik heb lampjes, lampionnetjes om de tent mee te versieren, een deken, stoelkussentjes, een anti-muggenkaars, een matje, een picknick-kleed en potjes, pannen, bestek, schaaltjes, bordjes, bekers, afwasmiddel, sponsjes, onderzetters, doekjes, keukenrol en dus wc-papier bij me. Voor een niet-kampeerder ben ik weinig vergeten mee te nemen en dat verbaast me (eigenlijk niet). Zelfs aan de wijn heb ik gedacht. Nee, niet de wijn zelf, maar wel een glas. Want wijn drinken uit een plastic beker, dat kan natuurlijk niet. Dat begrijp je. Dus ik heb één glaasje meegenomen. En die wijn, ja, die kopen we hier dus wel.

 

Twee redenen

Goed. Twee redenen om een tent mee te nemen, die ik tijdens de bewuste avond met A. ook besprak. De eerste: mijn kilo’s. Ja, ik stel me aan, want ik ben natuurlijk niet dik, maar ik ben ook zeker niet zo slank als ik ooit was en menig vrouw zal zich hierin herkennen. Maar als ik aan het einde van al mijn reizen (komt er ooit een einde aan?) niet helemaal dichtgegroeid wil zijn, moet ik wel een beetje oppassen. Ik heb zo ongeveer elke dag buiten de deur gegeten de afgelopen tijd. Hartstikke lekker natuurlijk, die local cuisine maar mijn dijen zijn er iets minder blij mee. En laat je nou op de camping zelf kunnen koken. Een zak wokgroente in de de wokpan, beetje pasta of rijst erbij (of niet) en zo kan ik wel twee maanden op reis.

De tweede: centen. Al dat gereis kost natuurlijk een behoorlijke duit en om kosten van dure bed & breakfasts en hotels (hoe mooi en gezellig ook) vól in het hoogseizoen te besparen, slaap ik in een tent op een camping. Zoals deze voor maar 12 euro per nacht. Waar ik dus zelf mijn eigen spullen mee naar toe moet nemen, maar aangezien ik met mijn eigen C1 hier ben en ik als enige een stoel in de bolide bezet, is er ruimte zát voor al die spullen. De tent neemt zelfs de minste ruimte in. Serieus, zonder gekheid.

 

Een donderdagavond in juli

En dus nu zit ik hier op een donderdagavond in juli in het pikkedonker met het geluid van krekels achter me en mijn Spotify-playlist die door mijn JBL-speaker op mijn campingtafel met tafelkleed schalmt waar ook mijn campinglamp en anti-muggenkaars staan en een leeg glas wijn. Inderdaad dat ene glaasje. Maar niet getreurd, want de koelbox staat achter me en daar vis ik de fles zo uit. Een lokale Muscat. Ik hoef er niet eens voor op te staan. En eigenlijk is er ook nog een derde reden waarom ik met de tent op reis ben: het avontuur. Gewoon het willen ervaren. Alleen met een tent op pad door Europa. Wie heeft dat nou ooit gedaan?

Gister kwam de campingbeheerder bij me om te vertellen dat ik nog moest betalen. Of ik helemaal alleen ben, vroeg hij. Ik knikte. “Das is ja ganz traurig”, zei hij. Maar daar had die goeie man het even helemaal mis!

2 Reacties

  1. Beantwoorden

    nelly penders

    13 juli 2018

    Gelijk heb je Kim, ik blijf kamperen ook heel leuk vinden. Vorig jaar voor het eerst in 25 jaar in een klein tentje in Engeland gekampeerd. Nu ben ik wel wat ouder en strammer 🙂 maar vond het nog steeds erg leuk. De Camping Municipal in Frankrijk zijn goedkoop en over het algemeen goed. Reis met je mee en drink vanavond een wijntje op je, liefs Nelly

    • Beantwoorden

      Kim Annemarie

      14 juli 2018

      O, ik vind het tot nu toe echt te leuk, vooral het buiten zijn vind ik echt heerlijk! Ik proost vanavond ook op jou! Dikke kus!

LAAT JE REACTIE ACHTER

DIT VIND JE VAST OOK LEUK OM TE LEZEN…